Geschiedenis

01/01/09 om 11:00 - Bijgewerkt om 10:59

Bron: Knack Weekend

Geschiedenis

Salzburg is de hoofdstad van de gelijknamige deelstaat. Met 15.000 inwoners is ze de vierde grootste stad van Oostenrijk. De rivier die door Salzburg stroomt, is de Salzach.

Archeologische vondsten wijzen erop dat het gebied rond Salzburg al bewoond was in het Stenen Tijdperk. In de Romeinse tijd heette Salzburg 'Iuvavum'. Deze naam is waarschijnlijk van Keltische oorsprong, maar wellicht stamt hij uit een nog oudere periode. Tot op vandaag is men het hierover niet eens.

De naam Salzburg duikt voor het eerst op in 755. Van de oude naam is niets meer terug te vinden in de nieuwe, wat vrij ongewoon is. Hij refereert naar de politieke en economische functie van de stad in de vroege Middeleeuwen. De lettergreep 'burg' verwijst naar de burcht van de Beierse hertogen van Agilofinger. Salz is de vertaling van zout en dat heeft dan weer alles te maken met de plaatselijke zoutwinning. Dit 'witte goud' lag aan de basis van de latere welstand van de stad.

In 739 wordt het bisdom Salzburg gesticht. Dat wordt in 798 verheven tot aartsbisdom. Dat omvatte een groot deel van het huidige Oostenrijk en Beieren. In de achtste eeuw werd ook de eerste steen van de Dom gelegd.

In 1328 werd Salzburg een prinsaartsbisdom. Binnen het Heilige Roomse Rijk scheurde het zich los van Beieren.

Vanaf 1520 kreeg Salzburg te maken met de Reformatie. Eind zestiende eeuw kwam de Contrareformatie op gang, onder prinsaartsbisschop Wolf Dietrich von Raitenau. In 1598 brandde de Dom af. Voor de heropbouw haalde Von Raitenau Italiaanse bouwmeesters naar de stad.

In 1622 stichtte Paris von Lodron de universiteit. Dankzij deze prinsaartsbisschop kon Salzburg zich afzijdig houden, toen in Europa de Dertigjarige Oorlog uitbrak.

In 1731 werden ruim 20.000 protestanten de stad uitgezet, omdat ze weigerden hun geloof op te geven. De bevolking van Oost-Pruisen was op dat ogenblik sterk uitgedund door de pest. De meerderheid van de vluchtelingen kon zich daar vestigen.

In 1756 werd Wolgang Amadeus Mozart geboren in Salzburg. Hij woonde er tot zijn zeventiende en verhuisde toen naar Wenen. Deze beroemde inwoner zorgde ervoor dat Salzburg voorgoed op de kaart werd gezet.

De laatste prinsaartsbisschop van Salzburg was Hieronymus von Colloredo-Mannsfeld, steun en toeverlaat van de verlichte keizer Joseph II. In 1803 werd het prinsaartsbisdom geseculariseerd. Aanvankelijk kwam het keurvorstendom Salzburg in handen van Ferdinand III van Toscane. In 1805 kwam het met de Vrede van Presburg opnieuw in Oostenrijks bezit. Vijf jaar later was het echter alweer eigendom van Beieren. Na het Congres van Wenen kreeg Oostenrijk er weer de macht.

In 1850 kreeg Salzburg de status van kroonland binnen Oostenrijk. De stad werd niet meer bestuurd vanuit Linz, zoals tot dan het geval was.

In 1921 leek het er even op dat Salzburg aangesloten zou worden bij Duitsland. Maar in een referendum koos de bevolking ervoor om Oostenrijks te blijven.

In 1938 werd Oostenrijk dan toch een Duitse provincie door de zogenaamde 'Anschluss'. Eind 1938 werd tijdens de Kristallnacht de Salzburgse synagoge verwoest.

Ook in 1944-45 had de stad zwaar te lijden. Deze keer waren het de bombardementen van de geallieerden die zware schade aanrichtten aan veel gebouwen en bruggen. Op 5 mei werd de stad zonder veel tegenstand ingenomen door de geallieerden. Salzburg werd het centrum van de bezettingszone tot in 1955.

Onze partners