Geschiedenis

01/01/09 om 11:00 - Bijgewerkt om 10:59

Bron: Knack Weekend

Geschiedenis


Jerash ligt in een vruchtbaar gebied en is daardoor al zeer lang bewoond, waarschijnlijk al sinds 6500 v. Chr.

De eerste bekende naam van het huidige Jerash is 'Antioch bij de Chrysorrhoas'. De Chrysorrhoas verwijst naar een klein riviertje dat dwars door Jerash liep en betekent letterlijk 'de gouden rivier'. Antioch duidt er waarschijnlijk op dat koning Antioch van de Seleuciden het kleine dorpje in de tweede eeuw voor Christus omvormde tot een stad van enige betekenis.

Maar de echte bloeiperiode begint pas met de komst van de Romeinen in 63 v. Chr onder leiding van generaal Pompeï. De Romeinen noemen de stad Gerasa. Aanvankelijk maakt Gerasa deel uit van de provincie Syria, maar wanneer Trajanus in 106 na Chr. het koninkrijk van de Nabateeërs (bekend van Petra) verovert, lijft hij Gerasa in bij de provincie Arabia.

Mix van Oost en West

Gerasa krijgt een typisch Romeins stratenplan - dat wil zeggen één grote hoofdstraat en twee zijstraten - vermengd met traditioneel Arabische elementen. De stad floreert en groeit snel dankzij de vruchtbare omgeving, ijzermijnen in de buurt en de ligging aan belangrijke handelsroutes. In Gerasa verrijzen statige gebouwen en oude tempels worden volgens de laatste mode herbouwd.

In deze tijd gaat Gerasa ook deel uitmaken van de Decapolis, tien machtige Romeinse steden die onderling sterke commerciële, politieke en culturele banden onderhouden. Onder andere Damascus en het huidige Amman (toen Philadelphia) maken deel uit van deze confederatie.

In 129 bezoekt keizer Hadrianus Jerash en ter daarvan wordt de Triomfboog van Hadrianus gebouwd. Door deze imposante boog kom je tegenwoordig Jerash binnen. In de derde eeuw krijgt Jerash de eretitel 'Romeinse kolonie'. In deze hoogdagen wonen er ongeveer 20.000 mensen in de stad.

De teloorgang

Het lot van Jerash is nauw verbonden met dat van het Romeinse Rijk en daar begint het minder goed mee te gaan. Op verschillende plaatsen breken er opstanden uit tegen de Romeinen waardoor het reizen over land minder veilig wordt en de handelsroutes meer over zee plaats gaan vinden. Jerash krijgt te maken met Arabische bendes en de handel loopt terug.

In 330 valt het Romeinse Rijk uiteen in twee delen. Het Oost Romeinse Rijk heet vanaf dan het Byzantijnse rijk en de staatsgodsdienst is het Christendom. Jerash kent een kortstondige heropleving onder keizer Justinianus (527-565). Er verrijzen zeven Byzantijnse kerken in de stad met prachtige mozaïeken vloeren. Dat gebeurt wel ten koste van de 'heidense' tempels die afgebroken worden en herbouwd als kerk.

Helaas gaat een groot deel van die mozaïeken verloren wanneer na de komst van de moslims Kalief Yazid de opdracht geeft tot de vernietiging van alle afbeeldingen. Gelukkig lag een deel van de vloeren verborgen onder een laag zand en die mozaïeken zijn tot op de dag van vandaag uitstekend bewaard gebleven.

Begraven onder het zand

In 747 wordt Jerash getroffen door een zware aardbeving waardoor een groot deel van de stad verwoest wordt en andere delen onder een dikke laag zand verdwijnen. Rond 800 is er niet veel meer over dan een klein dorpje.

De Kruisvaarders in de 12e eeuw melden zelfs dat Jerash volledig onbewoond is. Ze gebruiken de Tempel van Artemis als fort dat later door de koning van Jeruzalem in brand wordt gestoken. De brandsporen kan je tegenwoordig nog zien.

Daarna verdwijnt Jerash volledig in de vergetelheid om pas waar in de negentiende eeuw te voorschijn te komen. In 1806 stuit de Duitse reiziger Ulrich Japser Seetzen per toeval op de ruïnes. Doordat de stad onder het zand verborgen is, zijn de overblijfselen van Jerash goed bewaard gebleven.

In 1925 beginnen opgravingen en daarmee zijn archeologen tegenwoordig nog altijd mee bezig. Waarschijnlijk zit er nog heel wat waardevols onder de grond dat nog ontdekt moet worden.

Onze partners