Tsjechië

donderdag 01 januari 2009 om 11u00

Bezienswaardigheden in Tsjechië? Die vind je ook buiten Praag. Verspreid door het land liggen maar liefst twaalf werelderfgoedsites, de hoogste concentratie op aarde.

Tsjechië

Bezienswaardigheden in Tsjechië? Die vind je ook buiten Praag. Verspreid door het land liggen maar liefst twaalf werelderfgoedsites, de hoogste concentratie op aarde.

Bezienswaardigheden
Algemene informatie
Praktische informatie

Hadden ze niet zulke onuitspreekbare namen, dan waren Tsjechische steden als Český Krumlov, Telč en Kutná Hora misschien al lang topbestemmingen voor cultuur- en architectuurliefhebbers. Samen met die van Praag zijn hun historische stadskernen integraal beschermd door de Unesco.

Keurig in het midden tussen West- en Oost-Europa leverde Tsjechiës woelige voorgeschiedenis een wildgroei op aan renaissancekastelen, pittoreske, Bruggeachtige steden en modernistische of art-nouveaubouwsels.

Het historische stadscentrum van Kutná Hora, 60 kilometer ten oosten van Praag, is sinds 1995 door de Unesco beschermd. Op gebied van architectuur valt hier heel wat te beleven. De stad heeft zijn rijkdom te danken aan de zilverindustrie die er floreerde tot de zeventiende eeuw. Dat is bijvoorbeeld te zien aan de gigantische laatgotische kathedraal van Sint-Barbara in de bovenstad.

Net ernaast ligt de Corpus Christikapel, ook uit de late veertiende eeuw. Oorspronkelijk deed deze stemmige ondergrondse ruimte dienst als begraafplaats en knekelhuis, later werd het een wapenarsenaal. In de benedenstad zijn vooral de pittoreske straatjes, het zilvermuseum en het Italiaanse hof een ommetje waard.

Minder leuk - zeg gerust luguber - is een bezoek aan het knekelhuisje van Sedlec, net buiten de stad. Een halfblinde monnik decoreerde rond 1510 een kapel met botten van naar schatting 40.000 mensen, allemaal slachtoffers van de pest en van oorlogen. De geestelijke maakte met de schoongemaakte stoffelijke resten surrealistische kandelaars, torens, luchters en draperieën. Een waanzinnige plek.

Telč, 160 kilometer ten zuidoosten van Praag, is een koddig stadje op de Boheemse hoogvlakte, met amper 6000 inwoners. Zowel het kasteel als het aanpalende marktplein behoren tot het Unescopatrimonium. Het autovrije dorpspleintje met middenin een zogenaamde pestzuil lijkt wel een filmdecor: rondom zien we felgekleurde gevels en gaanderijen die opgetrokken lijken uit bordkarton en de indruk wekken dat ze bij een fikse windstoot zo kunnen omverwaaien.

De zestiende-eeuwse huizen met trappengevels lijken de Walt Disneyversie van de Brusselse Grote markt wel. Met dat verschil dat de façades niet met smog maar met valse perspectieftekeningen (sgraffiti in jargon) zijn bedekt.

Aan de westkant van het dorpsplein ligt een kanjer van een kasteel in Moravische renaissancestijl. Het slot is royaal gedecoreerd met houten plafondsculpturen, muurschilderingen en stucwerk met trompe-l'oeileffecten.

Český Krumlov, een Boheems stadje aan de Moldau op de grens met Oostenrijk, is net op tijd gered door de Unesco. De historische binnenstad (met waardevolle gotische, renaissance- en barokgebouwen) was onder het communistische regime serieus in verval geraakt, maar werd vanaf 1989 gerestaureerd.

Hersteld in zijn oude glorie, is het weer een schilderachtige stad, gedomineerd door een gigantisch kasteel dat in een bocht van de rivier hoog tegen de bergwand is gebouwd. Op weg naar het slot passeer je langs binnenpleintjes met trompe-l'oeuilschilderingen, een berenpark en romantische plekjes met zicht op de benedenstad.

In de enorme kamers en trappenhallen van het kasteel zou je bijna verdwalen. Bijzonder is vooral het originele baroktheatertje, een van de vijf overgebleven exemplaren ter wereld. Drie keer per jaar worden hier nog barokopera's opgevoerd comme il faut: gespeeld op authentieke instrumenten en verlicht met kaarsen.

Met zijn schilderachtige straatjes, talloze kunstgaleries, terrasjes, rustieke kroegen, goede restaurants en kleine musea (bezoek zeker dat van Egon Schiele en Alphonse Mucha), doet het stadje heel erg Brugs aan.

Tsjechië ligt bezaaid met schitterende kastelen, waarvan de meeste sinds het postcommunistische tijdperk weer in prima staat zijn. Één van de meest bezochte kastelen is Karlstejn, in 1348 gebouwd door keizer Karel IV. In Litomyšl, de geboortestad van de beroemde Tsjechische componist Smetana, ligt een majestueus kasteel uit de zestiende eeuw.

Aan de buitenkant lijkt de gevel in 3D, pas van dichtbij merk je het gezichtsbedrog door de valse perspectieftekeningen in het pleisterwerk. De sgraffitotechniek zie je vaak in Italiaanse renaissancepaleizen. Dit kasteel met zijn stemmige arcades en binnenpleinen zou niet misstaan in pakweg Firenze.

Ook dit kasteel herbergt een authentiek baroktheater, dat iets kleiner is dan dat in Český Krumlov, maar even uniek. Een wandeling in het aanpalende kasteeldomein met een amfitheater en Smetana's huis loont zeker de moeite.

Rond het dorpsplein van Litomyšl zijn prachtige barokke en renaissancehuizenrijen te zien in typische Oost-Europese pastelkleuren. In de gaanderijen zijn her en der terrasjes en winkeltjes ondergebracht, waar het heerlijk uitblazen is na een erfgoedbezoekje.

Bron: Weekend Knack

Knack Weekend Reizen-nieuws in je facebook nieuwsfeed

 

   

Reageer

 

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze wekelijkse reizen nieuwsbrief!

Schrijf u in op KnackWeekend wekelijkse reizennieuwsbrief

E-mail:

Whitepapers

Meest gelezen