Slachtoffer homoraid Tsjetsjenië getuigt: '12 dagen lang zeiden ze dat ik vermoord zou worden'

06/11/17 om 16:54 - Bijgewerkt op 07/11/17 om 11:36

Bron: Ips

Maksim Lapoenov was een van de mannen die dit voorjaar werden opgepakt en gefolterd bij de homoraids in Tsjetsjenië. Hij treedt nu met naam en toenaam naar voren en eist een officieel onderzoek. De Russische media Novaja Gazeta en Meduza brengen zijn getuigenis.

Slachtoffer homoraid Tsjetsjenië getuigt: '12 dagen lang zeiden ze dat ik vermoord zou worden'

© istock

'Twaalf dagen sliep ik in een kelder op een stuk karton. Daaronder lag een enorme plas bloed.' Dat zei Maksim Lapoenov op de persconferentie van Novaja Gazeta, de Kremlin-kritische krant die de homovervolging in Tsjetsjenië aan het licht bracht.

Delen

Het hoofd van de eenheid checkte zijn telefoon en vroeg hem om informatie over andere homoseksuelen

Mannen die verdacht werden van homoseksualiteit, werden volgens een onderzoek van de krant opgepakt, gevangengezet, gefolterd en zelfs gedood. De Tsjetsjeense autoriteiten ontkenden alles, de woordvoerder van het Kremlin had het over 'fantoomslachtoffers'.

De getuigenissen die Novaja Gazeta verzamelde, waren anoniem. Lapoenov is de eerste die naar voren treedt en zelf vertelt over wat hem overkwam.

Politie-eenheid

De jonge Rus komt uit Omsk, een stad in Zuid-Siberië. Hij werkt in de evenementensector en trok twee jaar geleden naar Tsjetsjenië voor een belangrijke beurs. De zaken gingen er goed, Lapoenov besloot te blijven. Op 16 maart stond hij ballonnen te verkopen in een shoppingcenter toen er twee mannen naar hem toe kwamen. 'Ze waren gewoon gekleed, niet in uniform. Ze sleurden me mee naar hun auto. Ik riep om hulp, maar dat had geen zin. Ze voerden me naar wat vermoedelijk een politie-eenheid was.'

Delen

Ik riep om hulp, maar dat had geen zin.

Het hoofd van de eenheid checkte zijn telefoon en vroeg hem om informatie over andere homoseksuelen. Naar eigen zeggen ontkende Lapoenov eerst alles, maar wanneer er gedreigd wordt met foltering noemt hij de naam van een kennis.

'Vervolgens brachten ze hem ook naar daar, en voerden ze ons samen naar een kelder. Ze zetten ons in verschillende kamers, met het gezicht naar de muur, en begonnen hem te slaan. Daarna brachten ze mij naar die kamer, die ongeveer 2 meter op 2 was en onder het bloed zat. Even later begonnen ze ook mij daar te slaan. Elke 10 of 15 minuten kwamen een paar mensen binnen en riepen dat ik homo was, en hoe wij vermoord moesten worden.'

Delen

Elke dag opnieuw legden ze me uit hoe ze me zouden doden.

Hij zat er samen met zo'n dertig anderen, schat Lapoenov. 'Het geschreeuw, het kreunen, het smeken om genade... Elke avond, elke nacht brachten ze een nieuwe beschuldigde (...) Met stokken sloegen ze me op mijn benen, heupen, billen, rug. Wanneer ik dreigde neer te vallen, lieten ze me op adem komen, daarna dwongen ze me weer op te staan en ging het voort. Elke dag opnieuw legden ze me uit hoe ze me zouden doden.'

Twaalf dagen zat hij daar. 'En toen trokken ze een zak over mijn hoofd en leidden me de kelder uit. De enige voorwaarde was dat ik een paar papieren ondertekende. Ik heb geen idee wat dat voor documenten waren. En ze namen een filmpje op, over hoe ik er zo één was, hoe ik homo was. (...) De volgende ochtend brachten ze me naar het station en stuurden ze me naar huis.'

Onderzoek

Lapoenov dient nu met hulp van Novaja Gazeta en het Russische LGBT-Netwerk een officiële aanvraag in bij het Onderzoekscomité van de Russische Federatie, de belangrijkste instelling van het land op dat vlak. Het Onderzoekscomité valt rechtstreeks onder de president en is onder meer verantwoordelijk voor onderzoeken naar lokale overheden en de politiediensten.

'Ik deed het niet onmiddellijk omdat ik bang was', zegt Lapoenov. 'Het onderzoek naar mijn geval beperkt zich momenteel tot mijn ondervraging, controle met de leugendetector en forensisch medisch onderzoek - maar intussen is het al te laat om de mishandeling fysiek vast te stellen.

Delen

Het enige wat ik nu wil is gerechtigheid.

Het enige wat ik nu wil is gerechtigheid. Ik hoop dat die er komt. We zijn allemaal mensen, we hebben allemaal rechten. Als we nu niets doen, gebeurt dit straks misschien in het hele land. Niemand weet wiens zoon of dochter ze als volgende nemen.'

Onze partners