Slim tegen slakkenleed

17/05/17 om 17:25 - Bijgewerkt om 17:24

Slakken zijn de enige weekdieren die erin slaagden om het land te veroveren. Er bestaan geen landmossels of -oesters, maar wel honderden soorten landslakken. En dat zullen we geweten hebben.

Slim tegen slakkenleed

De eerste landslakken evolueerden ruim 350 miljoen jaar geleden niet toevallig samen met de eerste landplanten. Ze wijten hun kwalijke reputatie aan de nachtelijke raids die van enkele soorten, die in elke tuin van de partij zijn. In de siertuin hebben ze het gemunt op planten met zachte, malse bladeren. Maar vooral in de moestuin kunnen ze een ravage aanrichten. Sla, andijvie, radijsjes, aardbeien, courgettes en nagenoeg alle jonge plantjes van zowat alle andere groenten: als je de slakken hun gangetje laat gaan, vreten ze je perken kaal.

TUINTIP

Een plastic fles zonder bodem beschermt jonge plantjes tegen vogel- en slakkenvraat.

Vriend of vijand?

De grote wegslak

De grote wegslak

De ene slak is de andere niet. Terwijl veel naaktslakken, zoals de grote wegslak, planteneters zijn, zijn de meeste huisjesslakken veeleer opruimers van plantaardig en dierlijk afval. De gewone en de witgerande tuinslak zouden zelfs de eitjes van andere slakken opruimen. Je houdt ze dus best te vriend. De grote aardslak of tijgerslak is een twijfelgeval. Deze omnivoor lust niet alleen planten, maar ook andere slakken en hun eitjes.

De segrijnslak is zonder meer een ongewenste gast uit het zuiden die pas sinds de vorige eeuw ook onze contreien onveilig maakt. Deze vraatzuchtige planteneter, een neefje van de wijngaardslak (of nichtje, want slakken zijn tweeslachtig), is bij gastronomen beter bekend als de petit gris. Vorig jaar vond ik voor het eerst enkele exemplaren van deze delicatesse. Te weinig voor een bordje escargots à la Bourguignonne, maar voldoende om alvast wat recepten bijeen te zoeken. Een segrijnslakkenplaag? Daar weet deze lekkerbek wel raad mee.

Aantrekken of afstoten?

In een maniakaal onderhouden tuin waarin geen grassprietje de verkeerde kant uit wijst, voelen slakken zich niet thuis. Dat geldt helaas ook voor de meeste andere dieren, inclusief de naakte aap die zich zo vaak een halve engel waant. Een tuin vol leven is een tuin vol slakken. Lijsters, egels, padden en allerlei insecten houden ze enigszins onder controle. Sommige tuiniers zetten zelfs kippen of loopeenden in om de slakken en hun eitjes te verdelgen. Efficiënt, maar niet altijd haalbaar.

Alle beetjes en talloze beestjes helpen, maar meestal steek je best een handje toe. In tuinboeken en op websites vind je honderden tips en middeltjes om slakken te bestrijden. Die behoren nagenoeg allemaal tot een van deze twee categorieën: aantrekken of afstoten. In het eerste geval lok je de slakken in een al dan niet dodelijke hinderlaag, in het tweede ontzeg je ze de toegang. In beide gevallen speel je in op twee eigenschappen van deze wonderlijke weekdieren: hun reukzin en hun hekel aan droge of scherpe barrières.

TUINTIP

Vervang een vaste plant die elk jaar weer wordt weggevreten door een voor slakken minder aantrekkelijke soort of variëteit.

Een goede bierval heeft geen scherpe randen. Dit model is erg doeltreffend.

Een goede bierval heeft geen scherpe randen. Dit model is erg doeltreffend.

De dolomietpaden tussen en rond de meeste perken van mijn moestuin houden de slakken op een afstand, ook al groeien er mossen, korstmossen en allerlei wilde planten op. Ik maai ze kort, zodat ze snel drogen. Moet ik al eens sproeien, dan doe ik dat niet 's avonds laat maar 's morgens vroeg. Waar de perken niet aan een pad grenzen, zaai ik begin april een mix van restjes sla en andere bladgroenten. Laten de slakken die met rust, dan oogst ik wekenlang gemengde sla. Zie ik veel slijm- en vraatsporen, dan haal ik mijn biervallen boven. Enkele nachten en pilsjes later is het probleem dan van de baan.

Hapje of kaalslag?

Kippen, loopeenden en veel andere scharrelvogels zijn dol op slakkeneitjes.

Kippen, loopeenden en veel andere scharrelvogels zijn dol op slakkeneitjes.

Maar ik heb makkelijk praten. Ik werd nog nooit met een echte slakkenplaag geconfronteerd. Geen idee hoe het komt, maar de jongste jaren staan mijn biervallen in het tuinhuis stof te vergaren. Er sneuvelt al eens een plantje, maar daar kan ik mee leven. De griezelverhalen van wanhopige tuiniers die 's nachts met een zaklamp hun perken afspeuren en telkens massa's slakken verzamelen, spreken boekdelen: het kan behoorlijk uit de hand lopen. Veel slakken leggen honderden eitjes en planten zich razendsnel voort. Tijdig ingrijpen is essentieel, liefst in het vroege voorjaar. Desnoods zet je slakkenkorrels in. Kies dan wel altijd voor biokorrels op basis van ijzerfosfaat. Die zijn even doeltreffend maar niet giftig voor andere dieren. Zo vermijd je het risico dat je hond, je kat of je kleuter doodziek in het ziekenhuis belandt.

Tekst en foto's Gabriël Depauw

Lees meer over:

Onze partners

Deze website maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te verbeteren. Door verder te surfen, stemt u in met ons cookie-beleid. Meer info