Paradijs op een vierkante meter

10/02/16 om 15:44 - Bijgewerkt om 15:44

Doorgewinterde tuinliefhebbers, zelfs als ze vergroeid zijn met het kweken van meterslange rijtjes sla, andijvie of prei, geven het toe: vierkantemetertuinieren is tuinieren met een meerwaarde.

Paradijs op een vierkante meter

Vierkantemetertuinieren is een heel leuk groen schaakspel. Elke handeling, elk zaaien, planten en oogsten - zeg maar elke zet - bepaalt voor een heel jaar resultaten, successen en eventuele ontgoochelingen. Tegelijk doet tuinieren in vakjes van dertig bij dertig centimeter je extra aandachtig omgaan met de groenten en bloemen. Zaaien en planten doe je niet langs een touwtje, maar op maat van je eigen passie en je geduld, in een mathematisch perfect patroon.

Bovendien prikkelt de vierkantemetertuin je om dag na dag te kijken of er al groeiactiviteit is. Je wordt verrast en verwonderd als je waarneemt welke zaden eerst kiemen of hoe kiemplantjes zich gedragen voor ze zich ontwikkelen tot bijvoorbeeld radijs, tuinwortel en sla.

Liever 30 cm hoog

Een vierkantemetertuin kan overal, maar ideaal is een plek waar de ochtendzon hem enkele uren opwarmt. Een omgespit plekje in het gazon kan, maar mooier en handiger is een bak van pakweg 30 cm hoog. Tuincentra verkopen kant-en-klare exemplaren, maar met vier hoekbalkjes en evenveel watervast verlijmde panelen van 30 cm x 120 cm is een eigen creatie zo in elkaar getimmerd. Moet de bak op een verharding staan, dan kan je best aan de binnenkant een worteldoek of filtervlies vastnieten, om te voorkomen dat de potgrond wegspoelt met regen- of gietwater.

Vul de bak met potgrond en/of compost van hoge kwaliteit. Een handvol organische meststof werkt het geheel af en garandeert groeikracht en gezondheid voor de groenten en bloemen.

Schaken met groenten

Volg het groene schaakspel en plan vooraf je zetten: denk na over wat je waar en wanneer zaait of plant en bekijk meteen wanneer je oogst en hetzelfde vakje een tweede of zelfs een derde keer in het jaar vult met lekkers of moois. De app op http://www.avevewinkels.be/mijn-vierkante-moestuin biedt handige hulp: je kan puzzelen met de meest courante groenten, met tips voor wat wel of niet naast elkaar mag staan of elkaar mag opvolgen. Maar zodra je extra planten naar eigen smaak wilt toevoegen, kan de app niet meer helpen. Ik 'schaak' daarom met zelfklevende memoblaadjes. Op elk memoblaadje komt de naam van een groente, kruid of bloem, een cijfer dat verwijst naar de zaai- of plantweek en het cijfer van de week waarin ik vermoedelijk zal kunnen oogsten. Op die manier maak ik meteen een planning voor het hele jaar.

Begin maart, op week 10, start mijn vierkantemeterseizoen op papier. Ik kleef memoblaadjes met zaai- of plantcijfer 10 op een raster van 4 x 4 veldjes. Eerst komen de grootste groenten en bloemen aan de beurt. Zij mogen aan de rand staan en raken elkaar verder alleen met de hoeken: ze staan dus nooit zij aan zij. Dan krijgen de zonnekloppers een plek aan de voorkant en de schaduwplanten aan de achterkant van de bak. Zo bouw ik laagje per laagje voort, met telkens tussensprongen van twee weken.

Telkens als een vakje op mijn raster in theorie leeggeoogst is en nog niet opnieuw ingevuld, neemt een blanco memoblaadje de plaats in van een groente of kruid. Bij de volgende ronde komt er weer een memo van een vervolgteelt overheen. Waar nodig wordt een miniteelt iets vervroegd, verlaat of desnoods anders gecombineerd... Het heeft me er al meer dan eens toe gedwongen alles van het raster te vegen en radicaal opnieuw te beginnen, om het beste resultaat te bereiken.

Onderhoud is kinderspel

Onderhoud vraagt een vierkantemetertuin amper, niet alleen door de beperkte oppervlakte, maar vooral omdat de potgrond en meststof een perfecte omgeving vormen voor de groenten en bloemen. Daardoor zijn ze uit zichzelf goed beschermd tegen insecten en plagen. Ook onkruid steekt maar zelden de kop op. Wat wel moet, is regelmatig gieten. Zeker in een verhoogde bak en tijdens een regenvrije week hebben de groenten en bloemen nood aan gietwater.

Minituin, maxioogst

Een veldje van dertig bij dertig centimeter lijkt veel te klein om een maaltijd te oogsten. Nochtans kunnen er drie kroppen sla broederlijk naast elkaar groeien. Dan moet je de eerste natuurlijk kleiner oogsten dan de tweede en de derde, die telkens nog een week langer mogen groeien. Wat radijsjes, wortelen en andere 'rijtjesplanten' betreft, kan je in de regel altijd drie rijtjes zaaien. Omgerekend is dat per plant goed voor bijna één meter en dus flink wat lekkers. Prei, ui, sjalot, tuinboon en sluimererwt kunnen dan weer gemakkelijk met z'n vijven in een vakje.

Groenten waar je per vakje maar één exemplaar van plant zijn de echt grote jongens: knolselderij, broccoli, spitskool, bloemkool....

Tekst en foto's Marc Verachtert

Tip 1

Maak van je vierkantemetertuin ineens een thematuin:

- Kinderparadijs: radijsjes, tuinwortelen, broccoli, boontjes, tomaat, spinazie...

- Lentefris: slamix, tuinmelde, rucola, raapsteeltjes, lente-ui, tuinwortelen, bieslook...

- Pizza & pasta: miniparika, tomaat, knolvenkel, ui, oregano, basilicum, tijm...

- Soepbar: prei, (knol-)selderij, kervel, tuinwortel, ui...

Extra m²-tuinraad

- Kies voor de vierkantemetertuin alleen compacte groenten: lage struikerwten, rijstboontjes, minibietjes, dwergtomaten en -paprika.

- Geef groenten die hoger worden dan 50 cm steeds een steuntje, zodat ze zich niet over buurplanten kunnen leggen.

- Reserveer minstens twee vakjes voor bloemen en kruiden. Met hun kleur en geur houden ze insecten op afstand. Ideale afweerplanten zijn onder andere afrikaantjes en tijm.

- Midden mei is een kantelmoment in de vierkantemetertuin. Voorjaarsgroenten maken dan plaats voor meer zomerse planten. Eind juni volgt dan weer een omslag richting herfst.

Onze partners