Eerste hulp bij onkruid!

20/04/16 om 17:31 - Bijgewerkt om 17:32

Geen tuinier die er aan ontsnapt: planten die je niet wil hebben en al zeker niet op die plek. Noem ze kruid of onkruid, maar weg moeten ze!

Eerste hulp bij onkruid!

Alle planten kunnen onkruid zijn, of het nu spontane zaailingen van de mooiste tuinplant zijn, of uitlopers van een heester. In geval van heuse tuinplanten bestaat de kans dat je het hem of haar vergeeft dat ie net daar de kop opsteekt. Je verhuist ze zelf naar een toegestane plek of plant ze in een pot om er een andere tuinliefhebber plezier mee te doen.

KEN JE VIJAND

Wortelonkruid

Heb je heermoes, zevenblad, haagwinde of peen(gras) in de tuin? Dan weet je dat ze, ondanks al je pogingen om ze weg te werken, steeds opnieuw tevoorschijn komen. Het venijn zit hem in de ellendig lange en snel brekende wortels. Elk stukje dat achterblijft, begint opnieuw te groeien. De wortels zijn zo lang en taai dat bestrijdingsmiddelen zelden tot in het uiterste puntje geraken. Er is maar één mogelijkheid: nooit opgeven. Uiteindelijk raakt de groeikracht van de wortels uitgeraasd.

Vroege jongens

Onder andere vroegeling (Erophila verna) heeft, in tegenstelling tot onze gewone tuinplanten, geen lentetemperaturen nodig om te groeien. Elk plantje kan meer dan honderd zaden uitstrooien. In vergelijking daarmee zijn de wilde grassen, die ook een flink groeiritme hebben, relatief onschuldige planten. Werk deze planten dus weg, nog voor het eigenlijke tuinseizoen start.

Massale verspreiders

Tussen het zachtgroene loof van vogelmuur priemen vrijwel het volledige jaar door minuscule witte bloempjes en dus ook zaden! Ze hebben een ontzettende kiemkracht. Bij het spitten of omwoelen van de tuin begint steeds weer nieuwe muur te groeien. Geef muur dus geen kans zich in de tuin te nestelen.

Onderkruipers

Kruipende boterbloem en hondsdraf vormen, net als de aardbei, lange bovengrondse uitlopers. Ze laten op korte afstanden nieuwe planten ontstaan, die op hun beurt uitlopers vormen. Vooral bij bodembedekkers is dit een vloek. Daarbij komt dat boterbloemen zo vast in de grond zitten dat bij gewoon wieden het groeipunt achterblijft. Wieden met geduld is dus de boodschap!

Achterblijvers

Eens de winter voorbij is, groeien in de buurt van de vogelvoederplek granen, zonnebloemen, koolzaad en zelfs alsemambrosia. Hun zaden zitten in de vetbollen. Gelukkig zijn deze kruiden gemakkelijk te wieden. Alsemambrosia kan je even op het verkeerde been zetten, het blad en de groeiwijze lijken namelijk erg op die van een grote tagetes. Eens ze in bloei staan, wordt het verschil echter duidelijk. Wacht niet zolang om deze genadeloos uit de uit te trekken: het stuifmeel is zo fijn dat het hooikoortspatiënten tot niezen en tranen dwingt.

HOE WERK JE HET WEG?

Wieden en hakken

Wieden werkt alleen als je ook het groeipunt, dat vastzit aan de wortels, mee uit de grond trekt. Vandaar de raad om kort na een zachte regenbui te wieden. De aarde is dan meer meegaand. De meest vastzittende onkruiden even optillen met een plantenharkje of mes helpt natuurlijk ook.

Heb je een grote tuin onder handen te nemen, grijp dan naar een schoffel of hak. In de handel zijn tal van varianten te verkrijgen, van hartmodel tot rond schijfje en een minizeisje dat door het leven gaat als Japanse handhak of cape cod. Schoffelen en hakken is het meest effectief bij zonnig weer. De afgesneden plantjes verdampen dan al hun vocht en hebben geen kans om opnieuw in te wortelen.

Temperatuurschok

Alle vocht uit de plant laten verdampen, dat is ook het geheim van het branden van onkruid. Tuinbranders zijn bij mulch, conifeerhagen en houten tuinschermen wel niet echt populair wegens brandgevaar. Bij correct gebruik is het risico echter minimaal. Het onkruid moet niet verbrand maar slechts even geraakt worden door de vlam, zodat de plantencellen stukspringen door de hoge temperatuur. Bij deze manier van bestrijden blijven de wortels echter onbeschadigd zodat sommige onkruiden, bijvoorbeeld kruipende boterbloem, na enkele dagen opnieuw groeien.

Gif- of biospuit

Onkruidbestrijdingsmiddelen waren tot enkele jaren geleden exclusief het domein van de chemische sector, maar o zo makkelijk. Ondertussen kennen we de gevaren en gaan we er met zijn allen bewuster en meer verantwoord mee om. Steeds meer producenten schuiven trouwens onkruidbestrijdingsmiddelen naar voren met plantextracten. Net als bij hun synthetische tegenhangers moet het product verneveld, gegoten en gestreken worden over de plant die je weg wil. Ook hier wordt het onkruid geprikkeld tot het ongecontroleerd laten verdampen van de celinhoud. Soms zijn er meerdere behandelingen nodig om tot een duurzaam resultaat te komen.

EXTRA TIPS

Deponeer onkruiden liever niet op de composthoop. Ze groeien nog na, waardoor zaden en woekerende wortels opnieuw de tuinkringloop induiken.

De beste manier om onkruid te voorkomen in een border is de bodem bedekt houden. Strooi compost, schors, cacaodoppen en andere vezelige materialen als mulch tussen vaste planten en plant bodembedekkers tussen groeiende struiken.

Tekst en Illustratie Marc Verachtert

Lees meer over:

Onze partners