De medicinale tuin van Villers

16/01/14 om 15:32 - Bijgewerkt om 15:32

Bron: Knack Weekend

De abdij van Villers herselt de middeleeuwse medicinale tuin in eer. Een oude traditie, met onverwachte ideeën en veel inspiratie voor de eenentwintigste-eeuwse tuinier.

De medicinale tuin van Villers

Villers is in alle opzichten hét model van de cisterciënzerabdij: ver van het gewoel van wereld, omringd door bossen, akkers en weiden, en doorsneden door een kabbelend riviertje, de Thyle. Het land werd in 1146 geschonken door de lokale adel, en in de loop der eeuwen voortdurend uitgebreid met giften van trouwe volgelingen. De monniken noteerden het allemaal plichtsbewust in het cartularium, hun archief.

Maar in 1796 was het uit met de vrede: het Franse revolutionaire bestuur verjoeg de monniken en verkocht de abdij aan een handelaar in bouwmaterialen. Die ontmantelde de gebouwen en verkocht wat hij kon. In 1855 werd dwars door de site een spoorweg aangelegd. De ruïnes werden verder aan hun lot overgelaten, de natuur deed haar werk. Zo is de oude abdij geworden wat ze nu is: een mysterieus, onwerkelijk park, vol romaanse en gotische ruïnes.

TIPS VAN EEN HEILIGE

Tien jaar is er in Villers gewerkt aan de medicinale tuin, met financiële steun van de Fondation Yves Rocher - die overigens voor het eerst bij een project buiten Frankrijk betrokken was. De stichting deelde niet alleen haar ruime ervaring met florabehoud en tuinconcepten, maar leverde ook een deel van de met zorg gekozen plantensoorten.

Anne Burette, historica van de abdij van Villers-la-Ville, vertelt hoe het project zich ontwikkelde. "Wij wilden de tuin het liefst vlak bij de vroegere apotheek en ziekenzaal, waar hij oorspronkelijk gelegen was. Maar omdat daar nu de weg loopt, hebben wij gekozen voor de tweede beste plek: niet ver van de bezoekersingang, naast de tuinen en terrassen van het hoofdgebouw."

Voor Anne Burette het project opstartte, deed ze uitvoerig onderzoek. Een grote inspiratiebron was het Liber Subtilitatum, waarin de Duitse mystica Hildegarde van Bingen (1098-1179) onder meer uitlegt waarom mensen ziek worden en met welke middelen je ze kan genezen. Dat kunnen bijvoorbeeld metalen en gesteenten zijn, maar ook planten. Haar boek was erg invloedrijk en de planten die ze aanbeveelt, vond je indertijd in alle medicinale tuinen. Aardig om te weten: op 10 mei van dit jaar werd Hildegarde van Bingen heilig verklaard door paus Benedictus XVI.

WILD EN STRAK

De nieuw aangelegde abdijtuin bestaat uit een wild gedeelte en een strak aangelegd deel. Dat laatste zal de amateurtuinier vast het meest interesseren, omdat er oude maar inspirerende principes in zijn toegepast. De strakke tuin is zelfs nog eens in tweeën gedeeld, en wordt aan de ene kant afgebakend door een omheining van gevlochten, levende teenwilg, aan de andere door een prieel waar klimplanten tegenaan groeien.

De planten zijn er ondergebracht in acht vierkante perken, elk met een zijde van 1,70 meter en afgesloten met een hekwerk van gevlochten kastanjetakken. De specialisten van de Fondation Yves Rocher hebben die perken aangelegd en je ziet meteen wat het technische en ergonomische voordeel is: de perken zijn zo hoog opgevuld met aarde en compost dat de tuinman zich niet hoeft te bukken om ze te onderhouden. De fontein - die de vier rivieren van het paradijs en de tuinen van de oudheid symboliseert - is gemaakt door steenhouwers van de groeve van Sclayn.

REMEDIE TEGEN BOOSHEID

De planten zijn onderverdeeld volgens de klassieke Griekse theorie van de temperamenten, die ook in de tijd van Hildegarde van Bingen wijdverspreid was. Het komt erop neer dat het menselijk karakter bepaald wordt door vier lichaamsvochten: gele gal (als je daar veel van hebt, ben je van het cholerische type), zwarte gal (leidt tot melancholie), slijm (vooral aanwezig bij het flegmatische type) en bloed (typisch voor vurige, 'sanguinische' mensen). Ziekte ontstond volgens die leer als het evenwicht tussen die temperamenten verstoord was. Je kon dat evenwicht weer herstellen met kruiden als valeriaan, oregano, wolfsmelk, klein hoefblad, absintalsem, gewone tijm - u vindt ze allemaal terug in de medicinale tuin.

Er zijn ook een paar perken gereserveerd voor pigmentplanten en textielplanten - de kaardenbol, bijvoorbeeld, die door wevers gebruikt werd om de wolvezels in dezelfde richting te leggen en te ontdoen van onzuiverheden.

U kunt deze tuin natuurlijk alleen wegens zijn decoratieve merites bezoeken, maar als u de historische achtergrond kent, krijgen de planten en de indeling van de tuin toch een extra dimensie. We sluiten af met een remedie van Hildegarde van Bingen tegen boosheid: "Wie neigt tot kwaadheid, neme een roos en een iets mindere hoeveelheid salie (gedroogd) en male deze tot poeder. Wanneer de kwaadheid opwelt, houde men het poeder voor de neusgaten. De salie kalmeert en de roos verheugt..."

INFO

De tuin is toegankelijk tijdens de openingsuren van de abdij: van 1 april tot 30 oktober van 10 u tot 18 u, en de rest van het jaar van 10 u tot 17 u. Gesloten op dinsdag. Info: www.villers.be, 071 88 09 80.

Tekst en foto's Jean-Pierre Gabriel

Onze partners