De ginrenaissance: waarom gin blijft scoren

11/06/16 om 10:49 - Bijgewerkt om 11:31

Vandaag is het World Gin Day. Geen betere gelegenheid om bij twee kenners te polsen hoe het met de ginhype gesteld is, en waar die naartoe gaat.

De ginrenaissance: waarom gin blijft scoren

Stephanie Jordan © gf

Op het eerste gezicht hebben Stephanie Jordan, wereldwijd ambassadrice van het grote ginmerk Tanqueray, en de eeuwig jonge Jared Brown, de meesterdistilleerder van de kleine gin- en wodkastokerij Sipsmith, weinig gemeen. Stephanie is Engels-Frans-Colombiaans en loopt er altijd piekfijn gekleed bij (en in het groen, naar de huiskleur van Tanqueray); Jared is een in Groot-Brittannië aangespoelde Amerikaan... die er wat verwaaider bij loopt. Met zijn lange haren, borstelige sik en gezapige yankee-accent lijkt hij sprekend op The Dude uit de cultfilm The Big Lebowski.

Los van de looks koestert dit duo een grote passie voor gin. We trokken beiden aan de mouw, en van de ginwijsheid die daarbij naar boven kwam, tekenden we hieronder een verslag op.

Mogen we het woord 'hype' nog in de mond nemen, als we het over gin hebben? Een hype is per definitie tijdelijk; en mensen drinken nu toch al een hele poos niets anders dan gin.

Jared: We bevinden ons knal in het midden van een echte gin renaissance. In de jaren negentig wist niemand zelfs wat de drank wás; je begon het ook niet te drinken voor je op pensioen ging. Nu is de categorie ontploft. Hij blijft maar groeien; zowel in het segment van de artisanale gins, als die van de superpremiums.

Delen

In de jaren negentig wist niemand zelfs wat gin was.

Is er geen sprake van verzadiging? Elke horecazaak heeft tegenwoordig minstens vijftien soorten gin in de backbar staan, en er komen nog elke maand nieuwe merken op de markt. Gin met een wormpje in; gin die gefilterd wordt via diamanten; er is zelfs een gin die niet meer naar gin smaakt.

Jared: Er is zeker een saturatie. Gin is een heel dichtbevolkte categorie, vooral in het midden ervan. Aan de top is er wat meer ruimte. Tot voor kort leken veel ondernemers te denken dat gin verkopen gelijk stond aan het binnensluizen van snelle winst, maar gelukkig zijn consumenten slimmer geworden. Gladde marketingpraatjes volstaan niet langer om ze te verleiden; je moet ook een damn good gin maken. De markt is dus gezonder dan ooit.

Gin

Gin © gf

Stephanie: Het topsegment van de gincategorie heeft te lijden gehad onder de losse definitie van de spirit. Volgens de Europese richtlijnen moet een gin 'een neutrale granenspirit' zijn, 'op smaak gebracht met kruiden, met jeneverbes als overheersende onderdeel'. Dat is alles. Technisch gezien kun je dus eigenlijk gewoon een vodka op smaak brengen met wat essentiële oliën, en het 'gin' noemen. En dat gebeurt dan ook regelmatig, wat een heel spijtige zaak is, vooral omdat er premiumprijzen aangerekend worden voor die zogenaamde 'artisanale' gins.

Jared: Mijn advies: als je een nieuwe gin probeert, en je proeft er geen jeneverbes in, loop dan héél hard weg.

Waar komt de ginhype eigenlijk vandaan?

Stephanie: Heel eenvoudig: Hendrick's, met hun perfect serve (nu een vijftal jaar geleden, red.). Die garnering met dat stukje komkommer. Sindsdien vinden mensen het leuk om hun gin-tonic op een interessante en kleurrijke manier te prepareren. En nu is het helemaal mooi: we hebben honderd gins waaruit we kunnen kiezen. We kunnen ze zelfs combineren met vijftig soorten tonic, en garneren met eender welke fruit- of kruidensoort die we maar kunnen bedenken. We drinken allemaal hetzelfde, maar eigenlijk denken we allemaal dat we anders zijn; zelfs met zo'n simpele gin-tonic. En dus hoor je nu een bestelling in een bar als deze: 'Voor mij graag een Tanqueray Ten met East Imperial Grapefruit en een zeste van pompelmoes, in een bol glas, alsjeblief.' Het is niet langer: 'Een gin-tonic, alstublieft.'

The Sipsmiths

The Sipsmiths © gf

Jared: Volgens mij heeft Sasha Petraske (die vorig jaar stierf op 42-jarige leeftijd, red.) eigenhandig de markt veranderd in 2002, toen hij in New York de cocktailbar Milk & Honey opstartte. Dat was een tijd waarin grote merken steeds grotere glazen opdrongen aan de consument. Ze zeiden: 'Dit is de toekomst.' Toen ging Sasha open. Hij serveerde tiny drinks in tiny glasses, die dertig procent duurder waren dan in andere bars. En het resultaat was dat je een maand op voorhand moest boeken om een plaatsje te krijgen in de bar. Een maand! Dát veranderde de wereld van cocktails en spirits. Plots kwam de spirit op de eerste plaats, en niet langer de verpakking. Mensen waren ook bereid om er dieper voor in de buidel te tasten.

Tot slot: waarom drinken jullie graag gin?

Jared:

Delen

Als distilleerder geeft gin me de meeste voldoening.

Wanneer het avond wordt, vind ik het niet erg om gin te blijven drinken. Daarom spreekt het me zo aan. De eerste gin die ik in mijn leven gekocht heb, was Tanqueray. Daarvoor dronk ik enkel Bombay Dry, en ik ben beschaamd om toe te geven dat ik pas veel later Beefeater heb leren kennen, waarvan ik denk dat het een mooie en ondergewaardeerde gin is. Ik houd al van gin sinds mijn tienerjaren. Daarmee wil ik niet zeggen dat ik geen liefde koester voor een goede bourbon, of voor rum; daar houd ik ook van, maar ook als distilleerder geeft gin me de meeste voldoening. Ik wil geen vijftien jaar wachten tot een spirit klaar is, rijpend in een ton. Zoveel tijd heb ik niet.

Stephanie: Een gin-tonic is gewoon het beste aperitief. Nadien ben je zó klaar voor foooood. (lacht)

Dieter Moeyaert

Onze partners